Tags

, , ,



De zon schijnt volop aan een blauwe hemel op deze heerlijke lentedag, een uitgelezen dag om een terras te bezoeken en te zien wat zich daar zoal voordoet. Mijn schrijfblok ligt naast mij met mijn Pentel potlood er bovenop. Soms pak ik het schrijfgerij en noteer wat gedachten die voorbijgangers bij mij oproepen zoals hun manier van bewegen, hoe zij met elkaar omgaan en hoe zij kijken. De ober zet een tapbiertje neer en vraagt waarom er een schrijfblok met potlood naast mij ligt.
“Nou”, zeg ik, “ik schijf verhaaltjes, over allerlei onderwerpen. Nu bijvoorbeeld, ben ik bezig met een serie over terrassen en wat daarop zoal te beleven is. Ik noem die serie Terras-leed omdat er bij terrasbezoekers en of voorbijgangers, toch altijd een bepaalde emotie is waar te nemen; humor of droefenis ontdek je daar namelijk altijd bij.”

“Publiceert u die verhalen ook?” Vraagt de ober.
“Jawel”, zeg ik, “die plaats ik op een columnsite waar ook echte columnisten hun schrijfsels plaatsen. En van die mensen krijg ik uiteenlopende reacties. De één vind het leuk, de volgende vind het bullshit terwijl een ander het heeft over een komma die verkeerd staat of een woord dat net even iets anders geschreven had kunnen worden, maar daarbij missen zij vaak de essentie van het geschrevene. Dus het is maar net met welke perceptie je die verhalen leest. Ben je universitair geschoold of Neerlandicus, of gewoon maar Jan Boterhammenworst: een ieder leest het op zijn eigen manier.”

“Percep… wat?” Hakkelt de ober.
“Perceptie ja. Perceptie is een vorm van waarnemen die kan worden gekleurd door onze eigen ervaringen, levensgeschiedenis en of persoonlijkheidskenmerken.” Leg ik hem uit. “De mening die wij over anderen hebben kan negatief of positief gekleurd of bevooroordeeld zijn. Soms kan een persoon als te positief worden beoordeeld op grond van zijn schrijven. Dit wordt ook wel het halo-effect genoemd, en een halo-effect is het verschijnsel waarbij de aanwezigheid van een bepaalde kwaliteit bij de waarnemer suggereert dat andere kwaliteiten ook aanwezig zijn.”

“Ik weet niet waar u het over heeft, maar dat vindt u leuk om te doen?” Vraagt de ober. “Daar had ik allang de brui aan gegeven, dat gaat boven me pet.”
“Nou kijk”, zeg ik, “het gaat mij om het doen, het schrijven op zich; het creëren van iets. Ik hoef geen Carmiggelt te worden maar mijn gedachten opschrijven alleen al vind ik heel leuk. En vooral, dat mensen de moeite nemen om mijn schrijfsels te lezen.”

Er fluit iemand op zijn vingers en de ober kijkt verschrikt om. “Sorry”, zegt hij, “ik moet weer aan het werk. Waar kan ik uw verhalen lezen? Mag ik uw url hebben?”
De ober zet nog een tapbiertje neer en zegt: “Ik heb ze net op me sodemieter gehad omdat ik te lang met u stond te praten. Als ik dat nog een keer doe dan wordt ik eruit gedonderd.” Hij frommelt het briefje met de url in zijn borstzak, rekent met mij af en gaat naar de andere terrasbezoekers toe.

Na mijn biertje te hebben genuttigd sta ik op, loop het terras af en verdwijn tussen de voorbijgangers.

©Prlwytskovsky.

Advertenties