Tags

, , , ,



Mijn buurvrouw en ik kwamen zomaar ineens te spreken over de dood. Dood, in die zin dat mensen je ontvallen op een moment dat je het niet verwacht en dat is nou zo sprekend over de dood himself. Alsof ‘ie het expres doet, om te pesten.
Soms zie ik de dood als een figuur, gehuld in een zwarte pij en zwaaiend met zijn sikkel. Wie hij moet hebben is er niet van af te lezen. Maar is het eigenlijk wel een dooie hij? Of een dooie zij? Ik wil het eigenlijk niet weten.

Buurvrouw vind net als ik dat de dood soms wel ineens heel erg dichtbij komt. Ik was dat met haar eens. Klappende schuivende toegangsdeuren achter ons ten spijt want wij stonden in het zicht van de sensors die de deuren aansturen. Alles beter dan de dood, die zoiets aanstuurt.
Waarom gaan mensen soms ineens, of plotseling dood? Vraag ik mij hardop af. Buuf weet het ook niet. Door een ongeluk of wat dan ook, dat kan ik me nog voorstellen. Maar zomaar ineens, dat het licht uitgaat? Wie heeft daar de hand in?

Was ik laatst op een begraafplaats en zag daar een parkeerplek voor langparkeerders maar verder was het er een dooie boel.
Waarom denk ik nu na over de dood. De Dood als een verschijningsvorm in een mensengedaante, of als een geest?
Kun je het nog volgen? Ja? Of moet ik dat anders zien? Dat jouw en mijn dood beschreven staan in een groot hemelboek? Zou zomaar kunnen toch?
Buuf en ik vragen ons hardop af wanneer wij dan aan de beurt zijn. Buufje zelf is al in de tachtig dus ik kom nog maar net kijken, vergeleken bij haar leeftijd.

Veronderstel begin ik, veronderstel dat je de dood zou kunnen vangen en opsluiten? Dan zou er niemand meer doodgaan. Is dat even wat? Maar al die ernstig zieke mensen dan, die door hun ziekte dood willen en het dan niet kunnen; c.q. niet worden weggehaald door vriend ‘De Dood’. Wat laadt je daarmee allemaal niet op je nek?
Buuf keek mij aan en begreep mijn standpunt.
“Het is vandaag kouder dan gisteren.” Veranderde zij van onderwerp.
“Ja” zei ik: “het is ’s avonds kouder dan buiten.”
Lachend zwaaiend liep zij het hoekje om. Alles beter dan dat zij het hoekje om ging.

Dood is dood! Zo evalueer ik ons gesprek. Een andere keuze is er niet. Daarom bestaan er in die zin zelfs geen woorden als doder of doodst in de Nederlandse taal. Wij moeten het er maar mee doen.

©Prlwytskovsky.

Advertenties